
Op de productielijn voor kunstglas begint de klok te tellen zodra het glas in de oven terechtkomt. Als het voorverhitten langzaam of oneffen verloopt, neemt de tijd die nodig is om het glas te verhitten toe. Hierdoor ontstaat risico op thermische schokken, en wordt elke processtap een risicovolle actie. We hebben ons infraroodvoorbewarmingsmodule ontworpen om dit risico vanaf de bron te verminderen.
Wat er echt toe doet We gebruiken NIR-emitters die zijn afgestemd op de emissiviteit van het glas. Hierdoor gaat de energie rechtstreeks naar het glas, in plaats van de lucht eromheen te verwarmen. De oppervlaktematuur van de heater bedraagt 600–750°C, waardoor er 25–40 kW/m² aan energie wordt gegenereerd op het werkoppervlak, afhankelijk van het profiel van het glas. Het systeem werkt op 400 V drie fasen. De componenten zijn modulair: er zijn elementen van 300 mm of 600 mm, snelkoppelende terminaten en standaard montagepunten. Hierdoor kan men de componenten gemakkelijk vervangen, zonder dat er veel schade moet worden veroorzaakt. De geïsoleerde kwartsomhulling en de filamenten met lage thermische massa zorgen voor een responsnelle reactie, zodat de controle nauwkeurig kan worden uitgevoerd.
Waarom het zo werkt Er ontstaat een gelijkmatig warmtestroom over het glasoppervlak. Dit vermindert de thermische spanningen en zorgt er voor dat de eerste buiging of vervorming binnen de toegestane grenzen blijft. De tijd die nodig is voor het voorverhitten neemt met 30–45% af vergeleken met convectieve verwarming. Hierdoor neemt de productiesnelheid toe, zonder dat er extra hitte in de ruimte komt. De energieverbruik neemt ook af, omdat de energie rechtstreeks in het glas terechtkomt. In praktijk betekent dit minder defecten door microbarsten, meer consistente vervormingen en een stabielere productiesnelheid.
Enkele praktische tips Infraroodvoorbewarming vereist dat er een lineaire zichtlijn is tussen de emitter en het glas. Houd de afstand tussen de emitter en het glas onder controle en gebruik bescherming tegen glinstering en stralingswarmte op nabijgelegen oppervlakken. Pas de controleinstellingen aan op het proces: een PID- of sluitingsluipsysteem met een IR-pyrometer voorkomt dat er hete plekken ontstaan en zorgt voor een consistente productiekwaliteit. Er kan sprake zijn van een korte inwerktijd voor de emitters, zodat ze optimaal kunnen functioneren. Daarna moet het systeem regelmatig worden schoongemaakt en gecontroleerd.